“Elke nascholing moet vertrekken vanuit een behoefte die bij ons leeft. Dat kan gaan over het welzijn van de leerlingen en de leerkrachten, ICT-vaardigheden, projectonderwijs…” Aan het woord is meneer Jan-Frans Dellaert. Hij coördineert de nascholingen in het buitenland. Zo kunnen leerkrachten de wereld ontdekken terwijl ze bijleren.
Vertrekken vanuit noden
Elke nascholing moet aansluiten bij een bepaalde nood, bijvoorbeeld de feedbackcultuur verbeteren. Het zijn allemaal doelstellingen binnen de scholen van scholengemeenschap De Bron waar onze school deel van uitmaakt. SFI werkt samen met vijf andere scholen met gelijkaardige noden.
“Nascholing kan ook gewoon in België, maar in het buitenland krijg je andere visies uit andere culturen”, zegt meneer Dellaert. “Dat kan helpen om de zaken eens op een heel andere manier te bekijken.” Buitenlandse nascholingen duren vaak ook langer (soms tot 5 dagen), waardoor leerkrachten meer informatie en ruimte krijgen om grondig bij te leren.
(Lees verder onder de foto)

Na de nascholing
Als de leerkrachten terug zijn, krijgen ze twee evaluaties: onmiddellijk en na een paar maanden nog eens. Ze krijgen vragen over hoe ze hun lessen beter kunnen voorbereiden en geven. De reacties zijn altijd positief! Toch geeft meneer Dellaert aan dat de impact van de nascholingen moeilijk te meten is met cijfers. Het zijn vooral de leerkrachten die een nascholing volgden in het buitenland die aangeven dat hun nieuwe inzichten leerwinst opleveren.
Leerkrachten worden ook aangespoord om hun ervaringen te delen met collega’s. Zo wordt hun kennis verspreid en kunnen leerkrachten die in België blijven toch nog iets leren van de buitenlandse nascholing. “Een professionele leerkracht zorgt uiteindelijk voor betere leerwinst bij de leerlingen.”
Samen werken aan kwaliteit
De laatste vijf jaar hebben al meer dan 33 leerkrachten meegedaan aan de buitenlandse nascholing. Sommigen deden aan job shadowing: ze volgden dan bijvoorbeeld leerkrachten die bekendstaan om hun sociale onderwijspraktijk of hun efficiënte methodes. Zo zien ze hoe andere leerkrachten te werk gaan en hoe ze met bepaalde problemen omgaan. Dat is soms inspirerender dan zelf een vorming te volgen.
Voor meneer Dellaert blijven de buitenlandse nascholingen, die bovendien op Europese subsidies kunnen rekenen, cruciaal. Volgens hem merk je dat de leerkrachten met veel meer zuurstof, taalvaardigheden en buitenlandse connecties terugkomen.
Met de buitenlandse nascholingen zet SFI in op kwaliteitsvol onderwijs. Want leerkrachten moeten mee ontwikkelen met de maatschappij en de leerlingen. “Leerkrachten willen altijd blijven zoeken naar manieren om hun lessen te verbeteren. Levenslang bijleren is voor iedereen belangrijk.”
Axana Michiels (5TC)