Workshop Europese Unie

Eind januari waren onze leerlingen van 5 tso uitgenodigd op een college aan de UGent om hen al eens te laten proeven van wat hen na SFI te wachten staat. Professor van dienst was Hendrik Vos, die de tijd nam om meer uitleg te geven over de Europese Unie.

De EU is, ook bij jongeren, niet het populairste onderwerp. De instelling heeft een oubollig, stoffig imago en lijkt enkel op te draven als er grote crisissen in de maak zijn, aldus Vos. Dat beeld van de EU wilde hij bijstellen in het anderhalf uur dat hem toegemeten was, want hij is ervan overtuigd dat de EU zich bezighoudt met concrete zaken die ons dagelijkse leven beter maken.

Professor Vos hing zijn verhaal op aan deze kernvraag: waarom heeft de EU enerzijds een enorm grote impact op het allerkleinste detail van ons leven, maar lijkt ze anderzijds machteloos als het op grote problemen en crisissen aankomt?

Als voorafje schetste professor Vos de geschiedenis van de EU. Onze leerlingen zijn het gewend om de EU te zien als één grote supermarkt waarbij zonder grenzen in elk land gewinkeld kan worden. Maar nog niet zo heel lang geleden was het verboden om zelfs maar boter van Nederland mee te nemen naar België. Dat er op 50 jaar tijd zo drastisch veel is veranderd, is te danken aan de EU. Zonder dat we het goed beseffen, hebben we toegang tot een zeer veilige markt wat voedsel, speelgoed, milieu, dierenwelzijn, etc. betreft. Dat de EU zich met de afmetingen en techniciteiten van een kindersurprise-ei bezighoudt, lijkt dan futiel, maar dit is daar eigenlijk een rechtstreeks gevolg van. (In Amerika is het lekkere speeltje verboden wegens verstikkingsgevaar.) De vooruitgang die we dankzij de EU op een relatief korte tijd geboekt hebben, is gigantisch. Europa was een continent dat om de haverklap geteisterd werd door oorlogen; nu is er nergens op aarde een plaats te vinden waar 500 000 000 mensen samenleven met dezelfde graad van rijkdom, sociale bescherming en veiligheid. En dat is allemaal op het conto van de EU te schrijven.

Vrijdag 26 januari mochten we luisteren naar het boeiende EU-verhaal van professor Hendrik Vos. Natuurlijk is politiek op onze leeftijd niet onze grootste zorg, maar door zijn uitleg waren veel leerlingen geïnteresseerd. Het was helemaal niet saai en eentonig. Integendeel, hij bewees dat politiek soms gewoon uit iets kleins kan beginnen. Met humoristische voorbeelden gaf hij uitleg over ingewikkelde wetten waardoor hij iedereen meetrok in zijn passie voor de EU. We vonden het zeker en vast een interessante uitstap.

Een reactie van Astrid en Rani uit 5OM

Waar landen er nog toe in staat zijn compromissen te sluiten rond boter en kindersurprises, wordt dit voor grote issues zoals begroting, bedrijfsbelasting, vluchtelingenproblematiek en buitenlandse politiek al heel wat moeilijker. Er zijn maar weinig landen die daarbij hun soevereiniteit willen opgeven en zich zonder morren willen aanpassen aan regels die de EU hen oplegt. Prof. Vos toonde feilloos aan dat die dossiers net geblokkeerd worden door het gebrek aan samenwerking en eensgezindheid. Ja, de EU heeft met Frederica Mogherini wel degelijk een goede secretaris voor Buitenlandse Aangelegenheden, maar je hoort haar zelden kordaat spreken over bv. Rusland of Syrië. De reden daarvoor: ze moet eerst het akkoord krijgen van 28 aparte buitenlandministers. Natuurlijk zou het handig zijn als alle EU-landen hetzelfde belastingsysteem zouden toepassen, maar dat willen ze niet. De reden: landen zoals Nederland, Luxemburg en Liechtenstein zouden geen monsterinkomsten meer kunnen krijgen van respectievelijk Starbucks, persoonlijk kapitaal en Ikea. En ja, het zou beter zijn dat de antiterrorismecellen van de verschillende landen samenwerken, maar dat doen ze niet omdat je dan elkaars vuile was leert kennen. Waar lidstaten vasthouden aan hun eigen soevereiniteit en alles zelf in handen willen houden, loopt het vaak spaak.
Resultaat: de EU, ze ploetert en strompelt voort, van de ene naar de andere crisistop. En dat is volgens Vos de enige manier waarop ze vooruit kan gaan: niet door grote beslissingen te nemen, wel met kleine deelmaatregelen waarmee ze na 50 jaar dan toch tot een bewonderenswaardig resultaat komt.

Leentje Deloose, leerkracht